Hoera voor de fotosynthese
Een natuurkracht waar ik helemaal door ben gegrepen, is de fotosynthese. Het klinkt ingewikkeld, maar het idee is simpel. In elk plantenblad gebeurt iets magisch: met zonlicht maakt de plant suikers. Daar groeit en bloeit hij van. En omdat alleen planten dit kunnen, begint al ons voedsel bij een blad dat zon vangt. Zo krijgen wij via het eten van het blad zonne-energie binnen.
Voor de fotosynthese heeft het plantenblad ook kooldioxide (CO₂) nodig, dat het uit de lucht haalt. Toen ik dat eenmaal doorhad, viel er nog iets op zijn plek. Fossiele brandstoffen — steenkool, aardgas, benzine — zijn eigenlijk oude plantenresten van miljoenen geleden. Ook die planten maakten in hun bladeren suikers met zonlicht. Daar hadden ze toen ook CO₂ voor nodig. Als we die resten nu massaal verbranden, komt naast de zonne-energie ook heel veel CO₂ vrij. En CO₂ is een broeikasgas dat de aarde opwarmt.
Hoe meer ik van de fotosynthese begreep, hoe meer verbanden ik ging leggen. Een auto die op benzine rijdt en ikzelf lijken verrassend veel op elkaar: we halen allebei energie uit planten. De auto uit planten van lang geleden, ik uit verse. We verbranden allebei de suikers die in de planten zijn gemaakt en gebruiken de vrijgekomen zonne-energie om vooruit te komen — de auto om te rijden, ik om te leven. En ja, ik stoot ook CO₂ uit. Dat doe ik als ik uitadem, gelukkig maar een klein beetje.
Fotosynthese kun je prachtig met kinderen delen. Stel eens aan tafel de vraag: kun je iets van eten bedenken dat niet bij een plant begint? Of je kunt ook een jong plantje omdraaien en dan na een tijdje ontdekken dat het zijn blaadjes vanzelf weer naar de zon keert. Alsof het zegt: 'Wacht even, ik heb licht nodig voor mijn trucje.'
Hieronder staat een kort filmpje dat heel eenvoudig laat zien hoe de fotosynthese werkt: